Duits gesprekken voeren A2

Tamara stelt zich voor en vertelt over haar studie

 

Om alle media op deze pagina weer te geven is de Flash Player plug-in vereist en dient JavaScript ingeschakeld te zijn.

Toelichting
woordenschat en zinsbouw Ze weet beperkte informatie over zichzelf voldoende duidelijk te vertellen, hoewel interferentie met de moedertaal regelmatig voorkomt ; soms weet ze een woord in het Duits niet en vraagt de gesprekspartner om de juiste vertaling uit het Nederlands. A2
grammatica Ze gebruikt eenvoudige constructies en maakt hierbij regelmatig elementaire fouten (zoals bijv. Schwesters, ik gehe für das Abitur, alter wie mich, viel Sachen...) A2
beurt nemen Ze is in staat het gesprek op een natuurlijke manier te voeren en adequaat op eenvoudige vragen te reageren.  B1
vloeiendheid Ze is goed te volgen en gebuikt weinig pauzes. Hoewel zij in een niet al te vlot tempo spreekt om de mogelijkheid te hebben het juiste woord te zoeken. B1
inhoudelijke samenhang

Groepen woorden en korte zinnen zijn verbonden met eenvoudige voegwoorden zoals ‘und’, ‘oder’ en ‘aber’.

A2
uitspraak

Het gesprek is goed te volgen ondanks een duidelijk hoorbaar Nederlands accent (te merken bijv. aan de klinkers,  s-klanken, de letter L).

A2